Terug naar Soedan voor het eerst sinds het uitbreken van de oorlog
Ministeries
Nadat de oorlog in Soedan uitbrak in april 2023, is de Nederlandse ambassade in Khartoum gesloten en moesten ambassademedewerkers het land verlaten. Sindsdien woedt de oorlog in volle hevigheid door, met hongersnood en 15 miljoen ontheemden tot gevolg waarvan inmiddels 3 miljoen Soedan hebben verlaten.
De Nederlandse ambassade werkt nu op afstand: vanuit Ethiopië, Kenia en Nederland. Een team van drie medewerkers keerde voor het eerst terug naar Soedan. Aangezien Khartoum nog altijd niet veilig is, bezocht hoofd Ontwikkelingshulp van de ambassade Wiesje Elfferich samen met noodhulpexpert Marie Smit en politiek medewerker Migdad Elhassan de tijdelijke hoofdstad Port Soedan. Wat troffen zij aan? En: wat doet de ambassade?
Mix van gevoelens
Het was heel bijzonder om na bijna twee jaar terug te zijn in Soedan. Migdad: ‘Onze terugkeer bracht een mix van gevoelens met zich mee. Het voelde vertrouwd, maar tegelijkertijd anders. Wat me het meeste opluchting gaf, was dat mensen de hoop niet hebben opgegeven. Ondanks alles is er nog steeds veerkracht. En het weerzien met vrienden en bekenden voelde echt als thuiskomen’.
Amsterdam in Haarlem proppen
Port Soedan, een havenstad aan de Rode Zee met normaal 400.000 inwoners fungeert sinds de start van het conflict als hoofdstad. ‘Het dagelijks leven gaat in deze stad door, hier zijn amper gevechten geweest. Maar vergis je niet: de impact van de oorlog is goed zichtbaar.’ vertelt Wiesje. ‘Het is alsof je een stad als Amsterdam in Haarlem probeert te proppen. De stad is overvol. Het verkeer zit muurvast, de vraag naar huisvesting is torenhoog, en de bouwsector draait op volle toeren. Zelfs voor internationale organisaties is het heel lastig onderdak te vinden voor hun personeel.’


Artsen, docenten en vrouwen
Terwijl militairen oorlog voeren, houden functionarissen zoals artsen en docenten een groot deel van het land gaande. Wiesje: ‘Zij werken onder lastige omstandigheden en vaak zonder dat hun salaris wordt uitbetaald. We spraken een lerares die dagelijks voor een klas van 120 kinderen staat terwijl ze al maanden niet betaald krijgt – wat een toewijding.’
Zoals vaak in oorlogen en conflictgebieden spelen vrouwen een grote rol bij het draaiend houden van het dagelijkse leven. Wiesje: ‘Omdat hun mannen voor het leger gerekruteerd zijn of elders werken, staan veel Soedanese vrouwen er alleen voor. Om dan toch geld te verdienen, nemen ze vaak nieuwe landbouw- en handelsactiviteiten op zich, zoals het verkopen van verse kopjes thee op straat.’
"We spraken een lerares die dagelijks voor een klas van 120 kinderen staat terwijl ze al maanden niet betaald krijgt"
Boodschappentas vol bankbiljetten
Conflict en hongersnood teisteren andere delen van het land, maar in Port Soedan staan langs de weg kleurrijke fruitstallen, gaan kinderen in uniform naar school en wordt vuilnis opgehaald. Restaurants en koffie- en theetentjes op straat zitten vol. ‘Je wordt daardoor makkelijk op het verkeerde been gezet,’ zegt Wiesje. ‘Er is een grote economische crisis gaande: de inflatie is torenhoog en de overheid heeft strikte limieten opgelegd aan de hoeveelheid contant geld die mensen kunnen opnemen. In een land waar digitaal betalen niet gangbaar is, treft dit de bevolking hard.’
Bij elke bank staan dan ook lange rijen mensen die proberen cash in handen te krijgen. ‘Dankzij de Verenigde Naties (VN) konden wij 100 dollar omwisselen voor Soedanese ponden – een bedrag dat resulteerde in een boodschappentas vol bankbiljetten. Reken maar uit: 1 euro is nu gelijk aan 2400 Soedanese ponden.’
Nederland in Soedan
Wat doet Nederland? Vanwege de hongersnood trok Nederland vorig jaar 10 miljoen euro extra uit voor voedselhulp via het Wereldvoedselprogramma (WFP). ‘We werken op verschillende fronten samen met onze humanitaire partners – zoals het WFP,’ vertelt Wiesje. ‘Bijvoorbeeld om ondervoeding bij kinderen in het hele land te bestrijden. Er heerst een hongersnood en er is enorme bezorgdheid over steeds grotere voedseltekorten.’ Gelukkig steunde de ambassade al voordat de oorlog begon programma’s om de Soedanese voedselproductie te vergroten. Die programma’s zijn in 2024 versterkt.
Daarnaast leveren Nederlandse hulporganisaties verenigd in de Dutch Relief Alliance noodhulp waar mogelijk, helpen RVO-experts bij programma’s van de VN om cholera te bestrijden, waterinfrastructuur en sanitaire voorzieningen te verbeteren, en psychosociale steun te versterken. Verder ondersteunt de ambassade het verenigen van Soedanese vrouwenorganisaties zodat hun stem, zodra het zover is, mee kan klinken in de vredesonderhandelingen.
Op drift
Ook werkt Nederland samen met de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM). Immers, miljoenen mensen zijn door de gewelddadigheden van haard en huis verdreven en op drift geraakt. Velen willen het land uitvluchten, naar buurlanden of Europa. Wiesje: ‘In Port Soedan zagen wij een voorlichtingsprogramma van de IOM. Het was mooi om te zien dat migranten uit allerlei verschillende landen, waaronder Eritrea, Ethiopië, Congo en Syrië op creatieve wijze – met theater en muziek – elkaar inlichten over de gevaren van migratie. Echter, sommige moeders vertelden dat hun kinderen vastberaden zijn om te vertrekken, meestal richting Europa. Ook spraken we een arts, die ervoor zorgt dat migranten de zorg kunnen krijgen die zij nodig hebben.’
Niet bij de pakken neer
De Soedanezen die Wiesje, Marie en Migdad spraken hopen dat Nederland zich blijft inzetten voor bescherming van mensenrechten en langere termijn oplossingen, zoals vredesopbouw, versterken van de rol van vrouwen in het vredesproces en voedselproductie in Soedan, en voor de korte termijn ook humanitaire hulp blijft leveren.
Daarbij is samenwerken met de private sector, zoals steun voor boerenbedrijven, van levensbelang om de impact van deze enorme crisis te verzachten. Wiesje: ‘RVO helpt hier actief aan mee. Wij als ambassade doen er alles aan om ook de contacten met het Nederlandse bedrijfsleven- vooralsnog op afstand- weer op te pakken. Want het is oorlog in delen van Soedan, maar dat is voor de Soedanezen eerder een reden om extra hard aan de slag te gaan dan bij de pakken neer te zitten.’
Op afstand verder?
Het team van de Nederlandse ambassade is inmiddels weer terug in Nairobi, om vanuit daar het werk voort te zetten. Wiesje licht toe: ‘In deze stad zitten veel organisaties en andere ambassades die zich met Soedan bezig houden, VN-organisaties met wie wij werken en netwerken waarin wij opereren. Natuurlijk hoop ik net als iedereen dat het geweld stopt en we kunnen werken vanuit Khartoum. Dat zou goed nieuws zijn voor alle Soedanezen, met name voor degenen die nu gevlucht zijn.’ Ook Migdad hoopt daarop: 'dit bezoek is hopelijk de eerste van veel meer bezoeken. Bovenal hoop ik dat ons land de weg naar duurzame vrede vindt.’